
Jurisprudentie
AR4963
Datum uitspraak2004-10-27
Datum gepubliceerd2004-11-02
RechtsgebiedStraf
Soort ProcedureHoger beroep
Instantie naamGerechtshof 's-Gravenhage
Zaaknummers2200065104
Statusgepubliceerd
Datum gepubliceerd2004-11-02
RechtsgebiedStraf
Soort ProcedureHoger beroep
Instantie naamGerechtshof 's-Gravenhage
Zaaknummers2200065104
Statusgepubliceerd
Indicatie
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Blijkens artikel 4, eerste en tweede lid, van de Wet goederenvervoer over de weg berust de zorg voor de naleving van het krachtens die Wet bepaalde op de hoofden of bestuurders van de betreffende onderneming, alsmede op toezichthoudend personeel dat schriftelijk met de zorg voor de naleving van die bepalingen is belast. Nu de wetgever uitdrukkelijk deze personen als normadressaat heeft aangewezen, is er voor een vervolging van de rechtspersoon als zodanig geen plaats.
Het bewezenverklaarde levert derhalve geen strafbaar feit op.
De verdachte moet dus terzake worden ontslagen van alle rechtsvervolging.
Uitspraak
Rolnummer: 22-000651-04
Parketnummer: 10-156495-03
Datum uitspraak: 27 oktober 2004
TEGENSPRAAK
Gerechtshof te 's-Gravenhage economische kamer
Arrest
gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de economische politierechter in de rechtbank te Rotterdam van 18 september 2003 in de strafzaak tegen de verdachte:
[naam rechtspersoon]
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg en het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep van dit hof van 13 oktober 2004.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkende tot vernietiging van het vonnis en veroordeling van de verdachte tot een geldboete van ? 250,--, en van hetgeen namens de verdachte naar voren is gebracht.
Tenlastelegging
Aan de verdachte is tenlastegelegd hetgeen vermeld staat in de inleidende dagvaarding, waarvan een kopie in dit arrest is gevoegd.
Procesgang
In eerste aanleg is de verdachte terzake van het tenlastegelegde veroordeeld tot een geldboete van ? 250,--.
De verdachte heeft tegen het vonnis hoger beroep ingesteld.
Het vonnis waarvan beroep
Het vonnis waarvan beroep kan niet in stand blijven omdat het hof zich daarmee niet verenigt.
Bewezenverklaring
Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat:
Hetgeen meer of anders is tenlastegelegd, is niet bewezen. De verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.
Voorzover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Blijkens het verhandelde ter terechtzitting is de verdachte daardoor niet geschaad in de verdediging.
Bewijsvoering
Het hof grondt zijn overtuiging dat de verdachte het bewezenverklaarde heeft begaan op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat en die reden geven tot de bewezenverklaring.
De bewijsmiddelen zullen in die gevallen waarin de wet aanvulling van het arrest met de bewijsmiddelen vereist in een aan dit arrest gehechte bijlage worden opgenomen.
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Blijkens artikel 4, eerste en tweede lid, van de Wet goederenvervoer over de weg berust de zorg voor de naleving van het krachtens die Wet bepaalde op de hoofden of bestuurders van de betreffende onderneming, alsmede op toezichthoudend personeel dat schriftelijk met de zorg voor de naleving van die bepalingen is belast. Nu de wetgever uitdrukkelijk deze personen als normadressaat heeft aangewezen, is er voor een vervolging van de rechtspersoon als zodanig geen plaats.
Het bewezenverklaarde levert derhalve geen strafbaar feit op.
De verdachte moet dus terzake worden ontslagen van alle rechtsvervolging.
BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht.
Verklaart bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde, zoals hierboven omschreven, heeft begaan.
Verklaart niet bewezen hetgeen terzake meer of anders is tenlastegelegd en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Verklaart dat het bewezenverklaarde geen strafbaar feit oplevert en ontslaat de verdachte te dier zake van alle rechtsvervolging.
Dit arrest is gewezen door mrs. Reinking, Van Strien en Van den Berg, in bijzijn van de griffier Van der Mark.
Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 27 oktober 2004.

